zaterdag 3 januari 2026

Wakker in Paraguay


 Naar aanleiding van de eerste VPRO-gids van het jaar - Wakker in Paraguay - over Nederlandse kolonisten (landverhuizers) in Paraguay, een serie die komende week van start gaat in combinatie met de boeken die ik afgelopen weken las: Willem van Oranje - het Boek en een selectie uit de brieven van Erasmus, heb ik een ingewikkeld verhaal in het hoofd waar ik nog niet helemaal uitkom. Laten we eerst de serie maar eens kijken en het nu even hebben over werk. Het is immers al weer het laatste weekeinde van de kerstvakantie.


Je kunt werk hebben of niet. Mijn vader ging tot zijn pensioen altijd naar zijn of het werk, ook ik ga maandag weer naar mijn werk, of naar het werk. Maar steeds vaker hoor ik tegenwoordig dat mensen van of naar 'werk' gaan of komen. Gewoon los, zonder lidwoord of bezittelijk voornaamwoord dus. Mijn taalgevoel geeft dan een alarmsignaal, maar blijkbaar is er een verandering gaande. Het eerst trad deze verandering op bij mensen met kantoorwerk, die gaan al langer 'naar kantoor', waar en welk dan blijft ongespecificeerd. Mijn eerste gedachte was verengelsing. Engels dringt steeds verder op in het spraakgebruik, niet alleen worden steeds vaker Engelse woorden gebruikt waar ook prima Nederlandse woorden voorhanden zijn, maar ook in zinsbouw  en grammatica rukt het Engels op.
 

Een tweede verklaring kan zijn dat werk anoniemer, abstracter, meer inwisselbaar en minder persoonlijk is geworden. Het is dan mijn werk niet meer, maar gewoon werk, dat ook door een willekeurig ander persoon gedaan kan worden. Waar de generatie van mijn vader zich nog verbonden voelde met het werk dat men deed, het bedrijf waar men werkte, wisselt de huidige generatie welhaast sneller van werkgever en baan dan van ondergoed. Zo is het toch nog een aanzetje naar Wakker in Paraguay geworden, want willekeur en richtingloosheid lijken er deels aan ten grondslag te liggen. (wordt vervolgd)

Geen opmerkingen:

Een reactie posten